Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud

Bijdrage ambtswoning bij nieuwe bewoner voortaan op basis van WOZ-waarde

De bijdrage van een predikant voor de ambtswoning is momenteel gebaseerd op de hoogte van het traktement van de predikant. Onafhankelijk van de waarde van de ambtswoning betaalt een beginnend predikant minder woonbijdrage dan een meer ervaren predikant.

Deze wijze van waarderen wijkt af van die van de Belastingdienst en het Pensioenfonds Zorg en Welzijn. Die vinden namelijk dat de waarde van het woongenot afhangt van de WOZ-waarde. Het verschil tussen beide systemen levert complicaties op bij de belastingheffing en bij de vaststelling van het traktement, waarover pensioen wordt opgebouwd.

Om hiervoor een oplossing te vinden heeft het Georganiseerd Overleg Predikanten besloten de bijdrage voor een ambtswoning ook afhankelijk te maken van de WOZ-waarde. Daardoor krijgt de gemeente een prijs die samenhangt met de gedane investering en betaalt de predikant een prijs die samenhangt met de economische waarde. In 2019 bedraagt de woonbijdrage 1,65% van de WOZ-waarde. Omdat dit in een aantal gevallen leidt tot een erg lage woonbijdrage is besloten dat de predikant in ieder geval een minimale woonbijdrage van € 624 per maand aan de gemeente gaat betalen. Dit minimum geldt bij alle woningen met een WOZ-waarde tot € 454.000. Daarboven geldt dus het bedrag van 1,65% x WOZ-waarde. Bij uitzonderlijke hoge WOZ-waarden kan gekozen worden voor een maximale woonbijdrage volgens de zogenaamde opting-in-regeling. Dit komt bij zo’n 25 ambtswoningen voor. In alle gevallen betaalt de predikant voor de ambtswoning een bijdrage die (ver) onder de economische huurwaarde ligt.

Omdat de oude en de nieuwe regeling nogal van elkaar afwijken, is besloten dat de oude regeling blijft gelden zolang de predikant in zijn of haar huidige woning blijft wonen. Zodra de predikant een beroep aanvaardt naar een andere gemeente, treedt de nieuwe regeling in werking. Bij het uitbrengen van een beroep kan de gemeente ervoor kiezen een woning aan te bieden die voor een predikant betaalbaar is. Bij het aannemen van het beroep kan de predikant rekening houden met de hoogte van de woonbijdrage volgens de nieuwe regeling.

De uitgebreide versie van deze nieuwe situatie is beschreven in een circulaire die vandaag digitaal naar predikanten en colleges van kerkrentmeesters is verstuurd.

Foto: Hervormde pastorie te Bovensmilde uit 1862 (Wikipedia)

Lees meer over

Het thema Synode