Kerkenraad

De kerkenraad geeft leiding aan de gemeente en wordt gevormd door de ambtsdragers van deze gemeente. Om goed te functioneren stelt de landelijke kerk diverse modellen en gespreksmateriaal ter beschikking.

Met het oog op de vervulling van de door de kerkenraad te verrichten taken stelt de kerkenraad het aantal ambtsdragers vast. In de kerkenraad dienen alle ambten aanwezig te zijn, met minimaal de volgende bezetting:

  • de predikant en ten minste twee ouderlingen die niet ook kerkrentmeester zijn
  • twee ouderlingen die ook kerkrentmeester zijn
  • drie diakenen

Kerkenraad: leiding geven aan de gemeente

De voornaamste taak van de kerkenraad is het leiding geven aan de gemeente, zo staat het omschreven in de Kerkorde: Ordinantie 4, artikel 6 t/m 13. Daarbij gaat het om:

  • de zorg voor de dienst van Woord en sacramenten;

  • het leiding geven aan de opbouw van de gemeente in de wereld;

  • de zorg voor de missionaire, diaconale en pastorale arbeid en de geestelijke vorming;

  • het vaststellen van het beleidsplan ter zake van het leven en werken van de gemeente;

  • het opzicht over de leden van de gemeente voor zover hem dat door de orde van de kerk is opgedragen;

  • de zorg voor de vermogensrechtelijke aangelegenheden van de gemeente;

  • het bevorderen ter plaatse van de gemeenschap van de kerken;

  • het bespreken van zaken die door de classicale vergadering worden of zijn behandeld;

  • het vaststellen van de regelingen ten behoeve van het leven en werken van de gemeente;

  • het verrichten van alles wat verder naar de orde van de kerk van hem wordt gevraagd.