Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud

Dorpskerkambassadeur Jolanda Tuma in gesprek met haar engelbewaarder

Jolanda Tuma voelt zich als dorpskerkambassadeur in noord-Nederland soms net Erik Odekerke, de jonge onervaren kapelaan uit ‘Dagboek van een herdershond’, op zoek naar de weg door haar regio. Wanneer haar tien jaar oude TomTom weer rode vraagtekens in het schermpje tekent omdat er nieuwe wegen zijn aangelegd, ontglipt haar regelmatig een wanhoopskreet. Een gesprek met een engelbewaarder kan dan geen kwaad.

Ik hoor nog de stem van Erik Odekerke, de jonge en onervaren kapelaan, uit de tv-serie ‘Dagboek van een herdershond’ die van 1978 tot 1980 werd uitgezonden. Maar ik hoor vooral die andere stem: die van de engelbewaarder met wie Erik Odekerke tijdens het vinden van zijn weg in zijn Limburgse parochie voortdurend in gesprek was.

Ik voel me als dorpskerkambassadeur in noord-Nederland soms net Erik Odekerke. Ook ik zoek mijn weg door mijn regio. Letterlijk, in de provincies Groningen, Drenthe, Friesland en Noord-Holland. Dankzij navigatietechniek is dat stukken makkelijker dan in mijn jeugd, maar wanneer mijn tien jaar oude TomTom weer rode vraagtekens in het schermpje tekent omdat er nieuwe wegen zijn aangelegd, ontglipt mij regelmatig een wanhoopskreet. Een gesprek met een engelbewaarder kan dan geen kwaad.

Ook figuurlijk zoek ik mijn weg. Als vrije vogel is het best een klus om me enigszins te voegen in het reilen en zeilen van een grote organisatie als de Protestantse Kerk. Ook op dat vlak deel ik gedachten met mijn engelbewaarder.

Tussen de enkele wanhoopskreten door zijn de gesprekken met de engel op mijn schouder overigens vooral die van verwondering, dankbaarheid, enthousiasme en ontroering. In het afgelopen half jaar heb ik heel veel mensen ontmoet, op gemeenteavonden, kerkenraadsavonden, ringbijeenkomsten, maar ook bijvoorbeeld bij stichtingen ‘oude kerken’, Tsjerkepaad en cultuurprojecten. Wie denkt dat de kerk heeft afgedaan, vergist zich. Er gebeurt ontzettend veel!

Dagboek

Ik geef u een kijkje in mijn dagboek van de afgelopen dagen. Op zaterdagmorgen stel ik de TomTom in op ‘Tsjerkepôle 7 in Terkaple’. Na een dik uur rijden en een enkele wanhoopskreet zie ik een prachtig kerkje net buiten het dorp. Binnen word ik welkom geheten met koffie en oranjekoek. Hier zijn negen kerkelijke gemeenten bij elkaar gekomen om elkaar te ontmoeten, te horen over de restauratie van het mooie kerkje en naar wat de dorpskerkambassadeur te vertellen heeft. Ik vertel over de dorpskerkenbeweging, maar vooral luister ik naar wat de gemeenten zelf vertellen over hoe ze kerk zijn in het dorp. En dat is prachtig. Op allerlei manieren zijn kerk en dorp met elkaar verweven.

Terug in Groningen neem ik vanuit mijn rol als muzikant in de plaatselijke muziekvereniging deel aan een inspiratiemiddag over muziek en onderwijs. Hier hoor ik verhalen die naadloos aansluiten bij de doelstelling van de dorpskerkenbeweging: verbinding zoeken met andere instellingen in de dorpen om samen nieuwe wegen te zoeken die bijdragen aan de leefbaarheid van het platteland. Vanuit verschillende perspectieven (kerk naast kunst en cultuur) hebben we hetzelfde doel voor ogen: samenwerken, draagkracht creëren en bijdragen aan kwaliteit van leven. ‘s Avonds leg ik de laatste hand aan de dienst voor de zondagmorgen.

Maandagmorgen begint met een commissievergadering in een van mijn ‘eigen’ dorpen waar de kerk in een overgangsfase zit van kerk als kerkelijke instelling naar kerk als gebouw van en voor het dorp. Een spannende acquisitie. ‘s Avonds stel ik de TomTom in op ‘Oudeweg 75 te Westerbroek’ en ontdek daar een zorgvuldig onderhouden wit kerkje. De koster en de organist zijn tevens respectievelijk voorzitter van de kerkenraad en kerkrentmeester. Ik mag even binnen kijken en zie een zeer gastvrije ruimte. Vervolgens lopen we naar het orgel waar de organist een lied laat horen.

Na dit warme welkom begint de kerkenraadsvergadering met een brief van een predikant, een tekstgedeelte en een gebed. “We noemen ons orthodox” zei de voorzitter. “We onderhouden hier het evangelie zoals dat door de eeuwen heen is gedaan” zei de organist. Het beeld dat zich bij mij aandient is dat van een klooster. Een plek waar de getijden worden gebeden, het evangelie wordt gelezen, zonder ophouden en zonder concessies. En de uitstraling die dat heeft naar de omgeving. Ik hoor over het niet-kerkelijke koor dat hier elke week repeteert, over de gymgroep die in de kerk oefende toen het dorpshuis werd verbouwd, over de stem van de kerk bij het behoud van de school in het dorp, en de aandacht voor allen in het dorp die ziek zijn of rouwen of hier net zijn komen wonen. Ik word er stil van, en ontroerd. Hoe deze kleine, hechte groep mensen vertrouwt en gelooft in het evangelie en dit uitdraagt naar het dorp, om er te zijn voor het welzijn van de mens.

Als ik om half elf de TomTom vervolgens op ‘thuis’ instel en naar huis rijd, zeg ik tegen mijn engelbewaarder: “Wat ben ik een gezegend mens dat ik hierbij aanwezig mag zijn!”

Foto: Pixabay

Was deze informatie zinvol?
We hebben uw feedback ontvangen, dankuwel!

Om deze pagina verder te verbeteren zijn wij benieuwd waarom u deze pagina wel of niet zinvol vond. U kunt ons helpen door de onderstaande vragen in te vullen.

Mogen we uw contactgegevens voor eventuele verdere vragen? (niet verplicht)

Lees meer over

Het thema Dorpskerken­beweging