Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud

Kerkendag in Schoonhoven: ongedwongen en laagdrempelig

Eens in de twee jaar houden de kerken in de voormalige classis Gouda een gezamenlijke dag voor kerkenraadsleden uit de Krimpenerwaard en omstreken. De vrij kleine maar zelfstandige kerken in dit landelijke gebied zijn naar elkaar op weg.

Al vroeg op de zaterdagmorgen klinkt er gezang en gelach in het moderne kerkelijk centrum De Hoeksteen in Schoonhoven. Een groep van vijfenvijftig predikanten, ouderlingen, diakenen en kerkrentmeesters uit de Krimpenerwaard, Gouda en Waddinxveen luisteren naar verhalenverteller Kees Posthumus, die op zijn geheel eigen manier enkele Bijbelverhalen ‘hervertelt’. De vreugdevolle zevende dag noemt hij ‘de eerste dans’ en het publiek lacht en zingt uit volle borst mee als Posthumus Heer van de dans (Lied 839) inzet. De sfeer zit er meteen goed in.

Informele ontmoeting

De Krimpenerwaard is een Zuid-Hollands poldergebied. ‘Om de twee jaar houden we hier een kerkendag voor en door de aangesloten gemeenten. Dit jaar is dat vooral de Krimpenerwaard, maar er komen ook mensen uit de bredere classis Gouda’, vertelt Marianne Terpstra, scriba van diezelfde classis. ‘Door middel van informele ontmoetingen willen we de samenwerking tussen de gemeenten versterken, in de hoop dat ze meer met elkaar gaan delen. Het thema vandaag is dan ook Op weg naar elkaar. Tot nu toe lukt het alle gemeenten nog om zelfstandig te blijven, maar ze kampen wel met verschillende problemen, zoals een afnemend aantal kerkenraadsleden en teruglopende inkomsten. Die thema’s komen vandaag in enkele workshops aan bod.’

Kleine kerkenraden

Naast een luister- en een zangworkshop en een les over meerjarenprognoses, is er deze ochtend ook een workshop met de intrigerende titel De kerkenraad mag wel wat kleiner, geleid door de Haastrechter predikant Jaap Huttenga. Tien belangstellenden uit onder meer Lekkerkerk en Moordrecht schuiven aan en delen hun zorgen. De meesten kunnen niet meer voldoende ambtsdragers vinden.
Huttenga blijkt het actuele kerkrecht goed te kennen. Hij legt uit dat het niet meer vereist is dat de meerderheid in het college van kerkrentmeesters ook ouderling is. ‘Bovendien zijn deelambten mogelijk en kunnen ook niet-ambtsdragers taken uitvoeren, bijvoorbeeld pastoraal werk in de wijk.’ Een van de deelnemers vertelt dat veel gemeenteleden huiverig zijn voor de grote vergaderdruk in de kerkenraad. Huttenga geeft de tip om talent binnen de gemeente te respecteren, ook als iemand niet naar vergaderingen wil of kan. ‘Houd bijvoorbeeld een enquête of leg een talentenbak aan. Zoek niet een persoon bij een taak maar een taak bij een persoon.’
Tijdens de lunchpauze toont Heidi van Duuren, scriba van de gereformeerde kerk in Waarder, zich geïnspireerd door de workshop. ‘Wij hebben nu nog voldoende kerkenraadsleden, maar binnenkort stoppen er twaalf. Daar maken we ons best zorgen over. De workshop gaf goede handreikingen over hoe we de kerkenraad anders kunnen indelen en er meer mensen bij kunnen betrekken. Bijvoorbeeld met speciale taakgroepen. We gaan hier zeker mee aan de slag.’

Stenen of pastoraat?

‘Er bestaan veel emoties rond kerkgebouwen. Het gevaar is vaak dat die emoties een te grote rol spelen en dat er spanning ontstaat rond het verdelen van de beschikbare middelen.’ Met die zin opent Gerrit Oosterwijk, beleidsmedewerker ondersteuning van het Classicaal College Behandeling Beheerszaken (CCBB) Zeeland en Zuid-Holland even later de middagworkshop. Het thema is Hoe staan onze gebouwen erbij? Hij noemt het voorbeeld van twee naburige gemeenten die beide moesten bezuinigen. Ze besloten de twee kerkgebouwen te behouden, maar gingen over op een gezamenlijke predikant. ‘Die keuze had misschien wel andersom moeten zijn’, zegt Oosterwijk. Maar gemeenten bezuinigen ook vaak ten onrechte op onderhoud. ‘Een gezonde verhouding is tweeëntwintig procent voor de gebouwen en vijftig procent voor het pastoraat. Maar sommige gemeentengeven aan het laatste vijfenzeventig procent uit, waardoor ze de klem komen te zitten met onderhoud.’
Als Oosterwijk kerkenraadsleden uit Schoonhoven vraagt of zij zichzelf ooit samen zien gaan met de plaatselijke hervormde kerk, antwoordt dominee Chris Koole dat er een historie van conflicten bestaat tussen beide gemeenten. De workshopleider adviseert intensief met elkaar in gesprek gaan. ‘Als één plus één slechts anderhalf oplevert, geeft dat ledenverlies. Daarom is het belangrijk om beide gemeenten er goed bij te betrekken.’

Nieuwe inzichten

Aan het eind van de dag kijkt Henk Schep, ouderling en kerkrentmeester in Schoonhoven, tevreden terug en alvast wat vooruit. ‘Deze workshops leverden me nieuwe inzichten op. Bovendien vond ik het interessant te horen wat ambtsdragers uit andere gemeenten vertellen. Het is goed dat we elkaar in deze ontspannen sfeer beter leren kennen, want in de toekomst zullen we ongetwijfeld meer met elkaar moeten samenwerken.’

Tips:

  • Laat de deelnemers vooraf actuele thema’s aanleveren. Sluit daar met de workshops op aan.
  • Laat zo veel mogelijk eigen predikanten en deskundigen workshopleider zijn. Zij kennen de problematiek en het geeft een vertrouwd beeld.
  • Nodig plaatselijke maatschappelijk betrokken organisaties, zoals de Wereldwinkel en het hospice, uit om met een informatiestand te komen. 
  • Zorg tijdens de dag voor een gezamenlijke activiteit zoals zingen. Zorg ook voor een goede terugkoppeling aan het eind.

Tekst: Wieger Favier

Dit artikel komt uit het juli-/augustusnummer van woord&weg. Een gratis proefnummer aanvragen? Mail dan naar wew@protestantsekerk.nl.

Yvonne Brandwijk

Lees meer over

Het thema Kerkenraad