Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud

Bij het overlijden van Karel A. Deurloo (1936-2019)

‘De tekst mag het zeggen’ was het motto van de theoloog en oudtestamenticus Karel Deurloo, die afgelopen zaterdag in Amsterdam op 83-jarige overleed.

Als opvolger van M.A. Beek en geïnspireerd door het werk van Frans Breukelman was Deurloo een belangrijke stem in wat wel de ‘Amsterdamse School’ in de theologie genoemd wordt. Deurloo werd in 1975 hoogleraar Oude Testament aan de Universiteit van Amsterdam en legde zich toe op een literaire en theologische bestudering van het Oude Testament - Tenach, zoals hij zelf consequent zei - in een tijd waarin de ‘historisch-kritische’ exegese dominant was. Hij las de bijbel niet historisch, maar literair, en legde de nadruk op het narratieve karakter van de teksten.

Deurloo werd bekend bij een breed publiek door de bijbelserie voor de IKON die hij samen met Nico Bouhuys opzette. Er verschenen populaire boekjes als ‘Dichter bij Genesis’ en ‘Dichter bij de profeten’ die ook door predikanten in heel Nederland gretig werden gelezen en op de kansel gebruikt. Hij verkocht meer dan honderdduizend boeken en zijn werken werden vertaald in het Engels, Duits, Tsjechisch en Hongaars. Hij ontving eredoctoraten van de protestantse faculteit in Brussel en de Karlsuniversiteit in Praag.

Toen in 1996 de kerkelijke opleiding aan de UvA een beroep op hem deed, werd hij hoogleraar Bijbelse Theologie, tot 2001, namens de Nederlandse Hervormde Kerk. Nadat tot zijn verdriet de theologie opleiding aan de UvA werd gesloten, ging hij door als bijzonder hoogleraar aan de VU. Het tekent zijn gedrevenheid. Een hele generatie predikanten werd door zijn literaire en theologische benadering in staat gesteld om de bijbelteksten anders te lezen en te vertalen naar het heden. Het was zijn passie om de bijbelse verhalen te ontdoen van, zoals hij dat zelf zei, alle ‘christendommelijke aanpassingstechniek’. Daarvoor is het, volgens Deurloo, nodig de eigen taal van de Bijbel te respecteren. Hij kon slecht tegen vertalingen die de eigenheid van de Hebreeuwse vertelmanier negeerden. De Nieuwe Bijbelvertaling van 2004 had in hem een grondige criticus. Zijn eigen NBV-exemplaar was volgeschreven met potloodaantekeningen over wat zo écht niet kon. Daarover schreef hij samen met Nico ter Linden het boek ‘Niet zo maar zo’.

Zijn eigen visie op het Oude (en Nieuwe) Testament schreef Deurloo neer in zijn serie ‘Kleine Bijbelse Theologie’ (2003- 2006) waarin hij in zeer geconcentreerde vorm de belangrijkste structuren van Tenach en Evangelie liet zien.

Ds. A. van Nieuwpoort

Foto: RD, Henk Visscher