Protestantse Kerk
Doorgaan naar hoofdinhoud
Idee

Meditatief schilderen over ‘het goede leven’

Pijl naar links Ideeënbank

Schilderen naar aanleiding van het pelgrimslied ‘Vroeg in de morgen’ of ‘Honderd bloemen’.

Nodig

  • acrylverf (aantal kleuren)
  • glazen potten met water
  • plastic bordjes om daarop de verf te mengen
  • kwasten
  • doekjes
  • plastic tafelkleden om daarmee de tafels af te dekken
  • papier of doeken om op te schilderen 
  • tafels om aan te werken
  • voor alle deelnemers een kopie van het lied (zie onderaan dit document)

Start

Begin met koffie en thee, liefst in een andere ruimte dan waar geschilderd wordt. Schets kort dat deze activiteit aansluit bij het jaarthema ‘het goede leven’.  

Maak een kring en laat mensen ontspannen zitten. De begeleider van deze activiteit spreekt de volgende tekst uit: 

“Ga zo in de stoel zitten dat je beide voeten plat op de grond rusten. Leg je handen losjes in je schoot. Als je wilt, kun je je ogen sluiten. Voel of je lekker zit en of jouw ademhaling voor jou comfortabel is. Laten we zo even stil zijn om ruimte te maken voor de Eeuwige.”

De begeleider leest vervolgens de tekst van het gekozen lied voor, en geeft de deelnemers daarbij de opdracht om met aandacht te luisteren en te voelen waar ze blijven hangen met hun gedachten. Vervolgens wordt de tekst uitgedeeld.

De deelnemers zoeken nu een stille plek en richten zich op het woord, de woorden of de zin(nen) waarbij ze iets ‘zien’ en/of voelen, en gaan het beeld dat ze daarbij voor ogen hebben schilderen. 

Als iedereen klaar is, worden de schilderijen op de grond gelegd. De deelnemers staan of zitten eromheen. Ieder schilderij wordt met aandacht bekeken. De zin(nen) uit het lied die erbij past/passen, wordt/worden gelezen. De schilder kan er zo nodig wat bij vertellen (geen discussie daarover).

Praat door over waar het schilderij voor de schilder ‘het goede leven’ verbeeldt. 

N.B. Later kunnen de schilderijen en de tekst - in de juiste volgorde - tentoongesteld worden in de kerk en/of gebruikt worden in een dienst (projectie met de beamer).

Ten slotte wordt het hele lied nog een keer gelezen.

Deze activiteit is beproefd in de pioniersplek Spoorzoeken in Slangenburg, spoorzoekenslangenburg.nl.

Pelgrimslied Vroeg in de morgen

Vroeg in de morgen - dauw lag op het land -
zijn wij op weg gegaan, het afscheid van een vriend,
verwaaide groet.
Geen zware last, wat kleren en een brood,
geen stok om mee te gaan, een eerste struikelpas,
steun voor elkaar.

Nog onvervuld, verlangend zoeken wij,
de ruimte van het land, de wijdte van de tijd,
een vriend, mijn God.
Langs groenend graan, belofte voor de oogst,
een schaduw voor mij uit, gestalte vaag bekend,
trekken wij op.

Een smal hard pad tussen de velden door,
de aren barstensvol, verzengde zonnebloem.
Een stenen tijd.
De dag is vuur, de aarde dichtgeschroeid.
Met zout doordrenkt gaan wij, de lippen zwijgen droog,
de ogen mat.

Vergeten, waarom zijn we weggegaan,
geen zicht meer op een doel, wij dwalen rond verdwaasd,
haast zoekgeraakt.
Geen schaduw achter mij, geen voor mij uit,
geen engel die mij voedt, geen die mij schraagt, mij troost,
een stok alleen.

Het land verkleurt, het avondlicht maakt mild.
een stil, weids vergezicht, het suizen van de wind.
Het water wacht.
Het koren is geoogst, de velden leeg.
Gedreven worden wij, niet meer op eigen kracht,
weer met elkaar.

Tot rust gekomen is mijn ziel in mij.
U bent ons landschap, God, de ruimte van de tijd
geeft U alleen.
Met duizenden gaan wij de tijden door,
zien torens aan de kim, kantwerk van licht en steen:
een nieuwe stad.

Andries Govaart (Zingend Geloven 8)

Honderd bloemen

Honderd bloemen mogen bloeien
grond en lucht genoeg voor alle
zaden knollen anjelieren
stenen moeten stenen blijven
mensen vliegen hoog als goden
maar de zuring en de klaver
mogen bloeien honderdvoud.

Korenbloemen, flarden blauwe hemel,
vlijmende papaver,
morgensterren aan de dijken,
flemend om gezien te worden,
woekerend in de populieren
als een nest de maretak, de
bloem der zoenen bitterzoet.

Op zijn stekelige stengel
bloeit en treurt de kale jonker
en geen vlinder zal hem vinden.
Tronken zullen twijgen dragen
varens op bevroren ruiten
zullen wuiven, bloeien mogen
honderd rozen van papier.

Broos op stelen ongebroken
wild en blindelings verstrengeld
in spelonken op de vaalten
tussen schotsen ijs en boeken
op de graven mogen bloeien
alle ongelijk eenzelvig
honderd bloemen zonder naam.

In een woud van droomgewassen
stenen wortels, stalen webben,
tochtig labyrinth van woorden
woont een mens, op brekebenen,
lelie van het veld, met ogen
tranend bijna blind van zoeken
naar een plek die water geeft.

Huub Oosterhuis

Bekijk ook

Gerelateerde ideeën