Scriba René de Reuver bij College Tour in Barneveld – ‘De kerk is niet alleen een gebouw’

Hoe was dr. René de Reuver als student? Deze vraag uit het landelijk televisie-voorbeeld kwam voorbij tijdens de College Tour in Barneveld met de scriba van de Protestantse Kerk. Andere onderwerpen waren kerkelijke vernieuwing en de samenwerking tussen protestanten en rooms-katholieken.

College Tour was een onderdeel van het gezamenlijke startweekeinde van de protestantse gemeente en de rooms-katholieke geloofsgemeenschap St. Catharina in Barneveld.
God en de kerk hoorden er in zijn jeugd helemaal bij, vertelde De Reuver. “Maar voor mij is het nooit vanzelfsprekend geweest dat de ander net zo denkt als jij. In Capelle aan den IJssel, waar ik opgroeide, was ons gezin het enige van ons huizenblok dat naar de kerk ging. Aan vriendjes met wie ik buiten speelde, moest ik uitleggen waarom we dat deden.
Mijn vader werkte in de fabriek met de eerste buitenlanders, moslims uit Turkije, die ook bij ons thuis kwamen.”

Vanzelfsprekend zijn kerk en geloof tegenwoordig helemaal niet meer, aldus de scriba. “In deze tijd vinden veel mensen geen aansluiting bij de traditionele vormen van kerkzijn. Als kerk kun je zeggen: Jammer, wij gaan gewoon door op onze eigen manier. Maar ik ben erg voor investeren in vernieuwing, voor pioniersplekken: de mensen opzoeken waar ze zijn en daar met hen ook kerk zijn.”

Ook lokale gemeenten kunnen aan vernieuwing toe zijn. “Wat we altijd gedaan hebben, kan soms niet meer omdat we de menskracht en het geld er niet voor hebben. We zijn zo gewoon te denken: ‘De kerk, dat is een kerkgebouw, een kerkenraad en een dominee’. De kern van de kerk is echter dat twee of drie mensen bijeen zijn in de naam van Christus. De christelijke kerk is in huiskamers begonnen. Een christelijke gemeente is niet in de eerste plaats een kerkgebouw. Zodra een kerkgebouw een enorme last wordt en een kerkenraad daar vooral mee bezig is of zodra gemeenteleden een beetje kromlopen van alle vergaderlast, moet je heel goed nadenken of je daar wel al je energie aan op moet laten gaan.”

De Reuver adviseert gemeenten in zo’n situatie zich te bezinnen op hun lokale roeping. “Waar word je blij van? Hoe kun je in de samenleving tot zegen zijn? Kies datgene waartoe je je dan geroepen voelt en wat ook vreugde geeft. De kerk is niet een clubhuis van alleen gelovigen. Vanuit het evangelie weten we ons verbonden met God, met elkaar
en met de andere mensen om ons heen. Waar zijn de rafelranden in de maatschappij, waar schuurt het leven? Daar liet Jezus zich vinden.”

De scriba deelde de College Tour-bank met pastoor Harold Zemann, die samen met een kapelaan, twee diakens en vier pastoraal werkers het pastoraal team vormt voor zestien rooms-katholieke geloofsgemeenschappen van Zeist tot Harderwijk. Het was dan ook logisch dat de oecumenische samenwerking tussen protestanten en rooms-katholieken ter sprake kwam. Ook de onmogelijkheid van een gezamenlijke Tafel van de Heer (eucharistie/avondmaal) werd aangeroerd. Volgens Zemann heeft een theologische discussie daarover plaatselijk weinig zin, om de eenvoudige reden dat de roomskatholieke geloofsgemeenschappen er niet zelf over kunnen beslissen. “Laten we vooral vieren wat ons samenbindt en samen oppakken wat we als onze gezamenlijke opdracht in de samenleving zien.”

“Soms zit ons als calvinisten het alles-of- nietsdenken wat in de weg”, bekende De Reuver. “Als er iets ontbreekt, is de oecumene voor ons gelijk helemaal niks meer. Wie bij Christus hoort, hoort bij elkaar. Daarom zie ik erg uit naar het moment dat we die eenheid in Christus wel samen kunnen vieren. Tot het zover is, kunnen we in elk geval zoveel mogelijk getuige van Christus zijn in deze samenleving. Daaraan hebben we onze handen meer dan vol. Juist ook voor mensen voor wie het bestaan heel moeizaam is, voor vluchtelingen, voor mensen in armoede, kunnen we iets zichtbaar maken van de liefde en de barmhartigheid van God. En dan maakt het niet uit of een rooms-katholiek of een protestant dat doet.”

Als dank voor hun medewerking kregen De Reuver en Zemann een heel Barnevelds geschenk mee naar huis: een doosje eieren.

Terug naar overzicht