Krijgsmachtpastoraat: mensen helpen mens te blijven

De Dienst Protestantse Geestelijke Verzorging bij de krijgsmacht helpt militairen, burgermedewerkers, veteranen en hun relaties in te gaan op vragen die worden opgeroepen in en door het werken in de krijgsmacht. Krijgsmachtpredikanten maken deel uit van het militaire leven op kazernes en velden, tijdens vaarperioden of oefeningen en tijdens uitzendingen. In het jaarschrift 2018 vertellen de Krijgsmachtpredikanten hoe zij 'Mensen helpen mens te blijven'. Lees hier het verhaal van ds. Erik Asscher

Hallelujah! Geestelijke verzorging en het geheim van het leven

Vier trips naar het buitenland en talloze ontmoetingen op en rond de Vliegbasis Leeuwarden. 2017 was een bewogen jaar voor mij. In januari bezocht ik de militairen van de vliegbasis in Litouwen. In het kader van de ‘Baltic Air Policing’ stonden twee F-16’s paraat om Russische militaire vliegtuigen te onderscheppen voor het geval zij het luchtruim van de drie Baltische staten zouden schenden. In Edwards, Californië, bezocht ik de vijfenveertig militairen die met hun gezinnen daar wonen. Zij werken aan het testen en evalueren van de F-35, ons nieuwe jachtvliegtuig. In Berlijn vertegenwoordigde ik samen met collega Ids Smedema de Protestantse Geestelijke Verzorging bij de Krijgsmacht op de ‘Kirchentag’. In de late herfst vloog ik naar Bodø in Noorwegen om een groep militairen te bezoeken die een grote internationale oefening voorbereidde. Ook thuis op Vliegbasis Leeuwarden had ik allerlei ontmoetingen.

Verhalen begrijpen?
Maar al die reizen en ontmoetingen roepen de vraag op wat ik dan precies doe. Wat bespreek je met al die mensen? Daar kan ik geen eerlijk antwoord op geven, die gesprekken zijn vertrouwelijk. En wat privé is, moet privé blijven. Maar dieper dan dat voert de vraag naar wat mensen eigenlijk willen zeggen met hun verhaal. Hun verhalen worden wel gehoord, maar worden ze ook begrepen? Daarbij: mag er ook aandacht zijn voor het onbegrijpelijke? Koning David zegt dat mooi in Psalm 49: ‘Ik heb een open oor voor raadselspreuken, bij het spel op de lier onthul ik een geheim.’ Pas bij zorgvuldige begeleiding komt een verhaal echt tot klinken. En kan ook het leven in zijn onbegrijpelijkheid aan het licht komen.

‘Suflet’, levensadem, ziel
Dit gebeuren is prachtig verbeeld op een detail van de fresco aan de westzijde van het klooster Voronet in het gelijknamige dorp in Roemenië. Linksonder op de foto zien we een liggende mensenfiguur. Een jongen met een wit kleed, gesloten ogen en gevouwen armen. Leeft hij? Is hij gestorven? Daarboven een engel die zijn hand uitstrekt boven de jongen. Wie goed kijkt ziet een kleine witte mensenfiguur tussen de hand van de engel en de mond van de jongen. Het is de ‘suflet’, de levensadem, de ziel van de jongen die behoedzaam in veiligheid gebracht wordt. Niet toevallig ontspringt deze levensadem aan de mond van de jongen, de plek waar ook onze verhalen het lichaam verlaten. Onder de zorgvuldige begeleiding van Koning David wordt het geheim van het leven bewaard.

[Tekst gaat verder onder foto]

God is een melodie
Maar hoe doe je dat? Dat begeleiden van mensen bij het vertellen van hun verhaal? Ik denk aan het beroemde ‘Hallelujah’ van Leonard Cohen:
‘I’ve heard there was a secret chord
that David played and it pleased the Lord
but you don’t really care for music do you?
It goes like this: the fourth the fifth,
the minor fall, the major lift
the baffled king composing Hallelujah’

Er wordt hier een loflied voor God gecomponeerd. Dat geeft wel de belangrijkste oriëntatie! In dat loflied is blijkbaar plaats voor verdriet en diepe dalen (‘the minor fall’), en voor vreugde en dankbaarheid (‘the major lift’). Maar over de technische aspecten van de begeleiding is Cohen helaas erg kort. Hoe weet je of je tempo moet houden, of dat mensen juist extra tijd nodig hebben? Hoe weet je wanneer je structuur moet bieden, of mensen juist vrij moet laten associëren? Hoe weet je of mensen baat hebben bij een ondersteunende tweede stem, of juist aan een voorzichtige tegenstem? Het blijkt een kwestie van goed luisteren en steeds opnieuw je best doen! En misschien is het met geestelijke verzorging wel net als met muziek maken: je hoeft er niet goed in te zijn om er toch plezier in te hebben. Maar pas als anderen er werkelijk plezier aan beleven merk je dat je er goed in wordt. Koning David werd er beroemd mee. Als hij speelde voor koning Saul, dan verdwenen de kwade geesten en kon Saul opgelucht ademhalen.

Mensen zijn bestemd voor het volle leven
Maar de militairen en hun relaties, wat zeggen zij ervan? Toen ik de afbeelding van de fresco liet zien aan een militair, merkte die nuchter op dat Koning David blijkbaar goed was met zijn gitaar, want hij had toch niet voor niets een gouden plaat om zijn hoofd! We hebben daar hartelijk om gelachen. Vaak doet een gram humor een mens meer goed dan een kilo ernst. In de eetzaal vraagt men ook niet naar de temperatuur van het vet waarin de kroketten gebakken zijn. Er is onderling vertrouwen. Dat vertrouwen is gebaseerd op een goed persoonlijk contact en de overtuiging dat iemand goed is in zijn vak. Voor mij is protestantisme een keurmerk van dat laatste. Je bidt en studeert met aandacht. Naar de mensen toe voed je de vrijheid en verantwoordelijkheid van ieders geweten. Je vraagt naar ieders welzijn, naar gebeurtenissen en levensgeheimen, je biedt ze gedachten ter overweging omdat je gelooft dat mensen voor het volle leven bestemd zijn. Samen met hen ga je op zoek naar wijsheid. En soms openbaart zich God in een glimlach, in een lied of in een ironie. Zoals die keer dat een militair na een gesprek van hart tot hart met een brede grijns tegen me zei: ‘bedankt dat ik weer even tegen je aan mocht balken’.

Ds. Erik Asscher

>Download hier het volledige jaarschrift 2018

> Zie ook: https://www.facebook.com/DomineesbijDefensie/

Terug naar overzicht