Kerst en alternative facts

Kerstboodschap van ds. René de Reuver, scriba Protestantse Kerk. "Wie goed naar een rijk gevulde kerststal kijkt, ziet ongelooflijke feiten."

Sinds de nieuwe Amerikaanse president zijn we ermee vertrouwd. Zaken die de president goed uitkomen en als feiten (facts) worden gepresenteerd terwijl ze niet blijken te kloppen. Gelukkig zijn er wetenschappers en journalisten die de meeste alternative facts ontmaskeren als manipulatie van machthebbers.

Wat is waar?

Op eerste gezicht lijkt het onderscheid tussen feiten en alternatieve facts helder. De eerste zijn waar, de tweede niet. Bij eenvoudige gebeurtenissen kan dit onderscheid gemakkelijk gemaakt worden. Bij ingewikkelde zaken ligt het moeilijker. Zeker als er totaal onverwachte en ongedachte gebeurtenissen plaatsvinden en bestaande regels doorbroken worden. Machthebbers hebben nogal eens de gewoonte om wat hen niet welgevallig is weg te zetten als alternatieve feiten.

De geboorte van Jezus zet de wereld op z’n kop. In haar lofzang zingt Maria over de geboorte van Jezus als een soort alternative fact voor de wereld van toen en nu. ‘Heersers stoot hij van hun troon en wie gering is geeft hij aanzien’, zo zingt ze het uit (Lukas 1:52). Kerst leert je anders naar de wereld kijken. Leert je rekenen met andere feiten.

Ongelooflijke feiten

Wie goed naar een rijk gevulde kerststal kijkt, ziet ongelooflijke feiten.

Het eerste dat opvalt is de engel boven de stal. Als representant van het grote koor van engelen verkondigt hij de geboorte van Christus. Niet het verhaal van een mens die god wordt. Die oerdrift in ons om als god te zijn… Kerst vertelt een tegenverhaal. Het verhaal van God, die één van ons wordt: sterfelijk, schuldig…

En dan wordt hij ook nog geboren uit een ongehuwde jonge vrouw. Ergens achteraf in een stal. Niet dus als zoon van een prinses in een paleis, maar uit ‘een maagd die zwanger is’. Zo’n verhaal kun je toch nauwelijks als fact aannemen? Je hebt veel geloof nodig om van deze feiten blij te worden.

En dan al die mensen die op kraamvisite zijn. Geen ontroerde familieleden of vrome joden, maar herders en vreemdelingen. Herders waren ruwe en rauwe bonken. Zij stonden onderaan de maatschappelijke ladder van toen. De vreemdelingen zijn sterrenkijkers uit het oosten. Magiërs. Op een top heidenen. Uitgerekend deze herders en magiërs aanbidden het kerstkind. Wie zal het in die tijd als feit hebben geloofd?

En dan de dieren. Tussen de schapen van de herders staan ook een os en een ezel. Waar komen die vandaan? De evangelisten vermelden het niet. Voor hun herkomst moeten we verder terugbladeren in de Bijbel. De profeet Jesaja bekritiseerde honderden jaren eerder Israël. De os en de ezel kennen de krib van hun heer, maar jullie als volk van God missen dit inzicht en leven in onwetendheid (Jesaja 1:3), zo houdt hij hen voor.
De os en de ezel in de stal vormen een stil protest vanwege de afwezigheid van het volk van God. Wij zijn er, maar waar ben jij, zo vragen zij.

Door welke feiten laat jij jouw leven bepalen? Die van de machthebbers? Of door de vreemde feiten van God die ons leven deelt en vraagt: waar ben jij?

Ds. René de Reuver, scriba generale synode

Terug naar overzicht