De dankbare zeeman

Hij zou voorgoed wegvaren, de rest van zijn leven slijten in het paradijs. Maar zeezeiler Henk de Velde kwam terug. Op zijn boot in Kampen praat hij met de Amsterdamse dominees Rob Visser en Paul Visser. Over zijn leven op zee, alleenzijn en dankbaarheid. En over d weg, die niet bestaat.

Op het grasveld bij het kleine jachthaventje discussiëren de predikanten over de foto. Ze vinden het niets, het idee om in toga op de foto te gaan. “Zo cliché”, zeggen ze. Paul Visser en Rob Visser komen nu even geen boodschap verkondigen. “Zullen we de rollen dan omdraaien?”, grapt Henk de Velde. “Dan trek ik een toga aan.”

De man die zes keer om de wereld zeilde, een zoon kreeg op Paaseiland, een kameraad verloor aan de zee en daar zelf ook bijna het leven liet, had namelijk best een prediker kunnen zijn. Tijdens lezingen over zijn zeiltochten, in zijn boeken: altijd noemt hij de naam van God wel een keer. “Over God kun je het altijd hebben, zeker bij natuurliefhebbers.”

Mooi, vindt Paul Visser. Hij denkt aan het bijbelboek Psalmen: “Daar zijn mensen soms ook onder de indruk van de majesteit van God in de natuur. De donder, de bliksem, de overvloed.” Henk glimlacht. “Ja, ik zou daar ook van kunnen zingen. Ik weet wat regen is, hoe kou voelt, wat ijs kan doen.”

Zeewater drinken

Zijn boot, de Solitario, ligt in Kampen, vlak bij zijn geboortegrond IJsselmuiden. Als ze met z’n drieën aan tafel zitten in de stuurhut, rekent De Velde uit hoe lang hij vanaf zijn 15e in een huis heeft gewoond: maar drie jaar. Verder altijd op de boot of in een caravan. Hij is nu 68 en vaart nog steeds regelmatig uit. Naar Spitsbergen, naar Spanje.

Het klinkt avontuurlijk, zo’n leven op zee. Maar wat als het stormt, echt hárd stormt? Dat lijkt Rob Visser “vreeswekkend”. Ook Paul Visser geeft toe: hij zou “doodsbenauwd” zijn. Ze slaan elkaar lachend op de schouder als ze dit erkennen, maar hangen aan zijn lippen als Henk vertelt over zijn leven op zee. Hoe hij onderweg zijn geld verdiende, hoe hij vroeger alleen via brieven kon communiceren met thuis, hoe hij van vissers ver weg leerde dat een theelepeltje zeewater per dag heel gezond is.

De Velde’s zucht naar de weidsheid van de oceaan begon al toen hij een jongetje was. Hij las de atlas stuk, werd op zijn 15e lichtmatroos, en later kapitein. Hij wilde eerst verre landen zien. En toen hij eenmaal zeezeiler was, wilde hij vooral mijlen op zee maken.

“Wat heeft grote indruk op je gemaakt?”, vraagt Rob Visser. Daar hoeft Henk niet lang over na te denken: de eilandjes in Micronesië waar hij geweest is. “Ik was op plekken waar men geen geld kent. Mensen delen daar met elkaar, het bestaat écht. Ze leven vanuit het genoeg, ze vangen geen vis te veel. Heel anders dan hier: wij willen altijd maar meer.”

Paradijs

“Dat klinkt bijna als het paradijs”, vindt Paul Visser. “Dat was het ook”, beaamt De Velde. In 2007 was hij vertrokken naar deze eilandjes, met de bedoeling om daar voorgoed te blijven. Zijn zoon was volwassen en had een baan en een vriendin, die zou zich wel redden.

Maar zodra hij de haven van IJmuiden uitgevaren was, wist hij dat hij toch terug zou keren. 

Verder lezen? Het hele artikel vindt u in het nieuwe ledenmagazine, dat komende donderdag gelanceerd wordt tijdens de Avond vol Verhalen. Meld u hier gratis aan voor de avond, of bestel een gratis abonnement, dan ontvangt u het magazine zo snel mogelijk in de brievenbus.

Terug naar overzicht